De Raad van de Europese Unie heeft een verordening aangenomen die zou moeten leiden tot veranderingen in de Nederlandse vrijstelling voor beroepsonderwijs in de omzetbelasting. De veranderingen zouden oorspronkelijk per 1 juli 2006 ingaan, maar de invoeringsdatum is steeds verschoven. Inmiddels is duidelijk dat de wijziging van de onderwijsvrijstelling met ingang van 1 juli 2010 zal plaatsvinden. In dit artikel behandel ik de huidige Nederlandse onderwijsvrijstelling, de wijziging en de gevolgen daarvan.
Huidige vrijstelling
Op dit moment geldt in Nederland een vrijstelling voor het zogenaamde beroepsonderwijs. Degene die het beroepsonderwijs verzorgt, is over de vergoeding voor zijn onderwijsprestaties geen omzetbelasting verschuldigd. Daar staat tegenover dat de instelling de aan haar in rekening gebrachte omzetbelasting op ingekochte goederen en diensten niet als voorbelasting kan verrekenen. In Nederland geldt de vrijstelling niet alleen voor beroepsonderwijs in strikte zin (zoals een opleiding voor een specifiek vak of beroep of beroepsherscholing), maar ook voor andere opleidingen en cursussen die in strikte zin niet aan te merken zijn als beroepsonderwijs. Hierbij wordt gedoeld op opleidingen die zijn gericht op het functioneren in een (toekomstige) werkkring. Het gaat om diverse opleidingen en cursussen die door reguliere en commerciële instellingen worden aangeboden, zoals tekstverwerkingscursussen, managementcursussen, automatiseringscursussen en sollicitatiecursussen. Niet onder de onderwijsvrijstelling vallen cursussen met een vrijetijdskarakter en cursussen die in de eerste plaats zijn gericht op de verwerving van vaardigheden in de persoonlijke levenssfeer.
Het onderwijs gericht op het functioneren in een (toekomstige) werkkring is op grond van de Nederlandse wettelijke regeling vrijgesteld van omzetbelasting. De staatssecretaris van Financiën heeft, in afwijking van de wettelijke regeling, in een goedkeuring een keuzerecht aan de verstrekker van onderwijs gericht op het functioneren in een (toekomstige) werkkring gegeven. De onderwijsverstrekker kan er per cursus voor kiezen om de vrijstelling toe te passen of omzetbelasting in rekening te brengen. De keuze kan per jaar worden gemaakt. Vooral commerciële onderwijsinstellingen maken gebruik van de mogelijkheid om over de vergoeding voor hun cursussen omzetbelasting in rekening te brengen.
Wijziging onderwijsvrijstelling omzetbelasting per 1 juli 2010
Als gevolg van de wijziging van de onderwijsvrijstelling omzetbelasting per 1 juli 2010 geldt met ingang van die datum de onderwijsvrijstelling alleen voor:
1. Onderwijsinstellingen opgenomen in het Register Kort Beroepsonderwijs.
2. Beroepsopleidingen verstrekt door bekostigde instellingen, genoemd in de bijlage van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderwijs (WHW) of bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB).
3. Wettelijk erkende beroepsopleidingen (in het bijzonder beroepsopleidingen die geaccrediteerd zijn in het CREBO, het centrale register beroepsopleidingen dan wel het CROHO, het centraal register opleidingen hoger onderwijs).
Recentelijk is informatie over het Centraal Register Kort Beroepsonderwijs (CRKBO) beschikbaar via de website www.crkbo.nl. Daar kunnen onderwijsinstellingen die beroepsopleidingen verzorgen zich aanmelden voor opneming in het CRKBO. Het is van belang dat zij dat zo spoedig mogelijk doen.
Gevolgen van opneming in het CRKBO
Onderwijsinstellingen die zich per 1 juli 2010 laten opnemen in het CRKBO zijn voor alle door hen verzorgde cursussen vrijgesteld van omzetbelasting. De mogelijkheid om per cursus te kiezen voor de vrijstelling of voor btw-heffing is vervallen. Het is daarom met ingang van 1 juli 2010 niet meer mogelijk om binnen één rechtspersoon zowel belaste als vrijgestelde cursussen te verzorgen.
Overgangsregeling
Voor cursussen waarvoor verplichtingen zijn aangegaan vóór 1 juli 2010 geldt tot 1 januari 2011 de oude regeling: keuze per soort cursus. Met ingang van 1 januari 2011 geldt ook voor deze cursussen de nieuwe regeling: alleen vrijstelling voor onderwijsinstellingen opgenomen in het CRKBO.
Positie ZZP'ers en/of zelfstandige docenten
Op dit moment is het nog niet duidelijk of ZZP'ers en/of zelfstandig werkende docenten zich kunnen aanmelden voor het register en daardoor onder de vrijstelling kunnen vallen.
Hans Wiersma is werkzaam bij de Jong&Laan. Mocht u vragen hebben naar aanleiding van dit artikel, dan kunt u bij hem terecht. Maar ook zijn collega's bij een van de andere bij Het Regionaal Alternatief aangesloten kantoren helpen u graag verder. Voor contactinformatie klik hier.
Mei 2010


